Waarom strafbaarstelling van straatintimidatie niet zo’n goed idee is

Eve Aronson en Laura Adèr werken voor Hollaback! Nederland. Hollaback! Nederland is onderdeel van het internationale Hollaback! netwerk dat zich in meer dan 90 landen richt op het beëindigen van (allerlei soorten van) straatintimidatie. nederland.ihollaback.org

“Lekker ding”, “psst schatje” en andere vormen van straatintimidatie kunnen binnenkort strafbaar worden in Amsterdam. Betekent dit dat vrouwen eindelijk naar hun werk kunnen, boodschappen doen, of hardlopen zonder seksueel getinte opmerkingen naar hun hoofd te krijgen? Het ligt eraan aan wie je dit vraagt.

Binnenkort zal de Amsterdamse gemeenteraad beslissen over het aannemen van een plan van aanpak die het mogelijk maakt om boetes uit te delen aan mensen die zich schuldig maken aan straatintimidatie. Amsterdam maakt hiermee duidelijk dat het geen enkele vorm van intimidatie accepteert.

Dat strafbaarstelling een krachtig politiek signaal is, is duidelijk. Het strafbaar maken van straatintimidatie, net als wetgeving tegen huiselijk geweld en verkrachting, geeft een helder signaal af dat geweld tegen vrouwen niet geaccepteerd wordt en er consequenties zijn als je je hier schuldig aan maakt.

Maar wetgeving tegen straatintimidatie is slechts een onderdeel van het grotere geheel. Bovendien schuilt er het gevaar dat dergelijke wetgeving onevenredig gebruikt wordt tegen minderheden, en daar moet je heel voorzichtig mee zijn.

“Er schuilt het gevaar dat dergelijke wetgeving onevenredig gebruikt wordt tegen minderheden”

Om deze reden richt Hollaback!, wereldwijd en in Nederland zich niet op het criminaliseren van straatintimidatie. Wetgeving die dreigt met een boete of gevangenisstraf is geen effectief middel tegen straatintimidatie. Er zijn zeker vier landen waar straatintimidatie strafbaar is, België, Portugal, Argentinië en Canada, maar studies tonen aan dat het effect gering is. Hollaback! Canada heeft door middel van een enquête aangetoond hoe na strafbaarstelling 97 procent van de respondenten toch straatintimidatie had meegemaakt en dat maar 10 procent van hen daadwerkelijk aangifte had gedaan bij de politie.

Hoewel wetgeving belangrijk is, is het niet de oplossing voor intimidatie van vrouwen (en mannen) in de publieke ruimte. Maatschappelijke verandering is nodig om straatintimidatie effectief aan te pakken, en dit is niet te vangen in wetgeving. Het zal moeten blijken of een boete op straatintimidatie zal leiden tot meer bewustwording en een verandering van gedrag bij daders.

Hollaback! probeert slachtoffers van straatintimidatie een stem te geven, door het bieden van een digitaal platform (website en app) waar iedereen zijn of haar ervaring kan delen. Debjani Roy, Plaatsvervangend Directeur van de internationale anti-straatintimidatie beweging Hollaback! zei hier over:

“Het is belangrijk dat slachtoffers van straatintimidatie zich gehoord voelen, hun gevoelens erkend worden en dat hun ervaring ertoe doet”

Ook omstanders, getuigen van straatintimidatie, kunnen een melding maken en aangeven waar het incident heeft plaatsgevonden. Op deze manier kan iedereen bijdragen aan de strijd tegen straatintimidatie en het creëren van een veilige publieke ruimte.

Het plan van aanpak in Amsterdam behelst meer dan alleen een boete, bijvoorbeeld een educatief programma voor scholen, maar hier wordt in de media weinig aandacht aan besteed. Daarnaast moet de kracht van lokale maatschappelijke organisaties, bij voorlichting, bewustwording en (digitale) campagnes zoals die van Hollaback! en Qpido, niet onderschat worden. Ook buiten het klaslokaal kan veel bereikt worden om straatintimidatie tegen te gaan. Dit vraagt om landelijk beleid.

Hoewel wij zeker het belang van wetgeving tegen straatintimidatie erkennen, willen we de complexiteit van het probleem en de aanpak ervan niet bagatelliseren. Een breed gedragen en inclusieve aanpak is nodig voor positieve maatschappelijke verandering.

Deze blog verscheen eerder op de website van Hollaback! Nederland. Daar is bij hun FAQ ook een antwoord te vinden op hun positie in de antiracismebeweging. Dit antwoord is sterk verbonden met een mogelijk risico op etnisch profileren bij strafbaarstelling van straatintimidatie:

I heard something about your position on antiracism. What’s that about, and what does it have to do with street harassment?
Answer: Replacing sexism with racism is not a proper hollaback. Due in part to prevalent stereotypes of men of color as sexual predators or predisposed to violence, Hollaback! asks that contributors do not discuss the race of harassers or include other racialized commentary. If you feel that race is important to your story, please make sure its relevance is explained clearly and constructively in your post.

Initiatives combating various forms of sexual harassment and assault have continually struggled against the perpetuation of racist stereotypes, and in particular, the construction of men of color as sexual predators. There exist widespread fictions regarding who perpetrators are: the myth of racial minorities, particularly latino and black men, as prototypical rapists and as being more prone to violence is quite common. This stems in part from a tragic and violent history in which black men in the U.S. were commonly and unjustly accused of assaulting white women, and as such were lynched by mobs and “tried” in biased courts.  Because of the complexity of institutional and socially ingrained prejudices, Hollaback! prioritizes resisting both direct as well as unconscious and unintentional reinforcement of social hierarchies. Simultaneously, Hollaback! aims to highlight the interrelations between sexism, racism, and other forms of bias and violence.

Comments

comments