Mansplain Monday #28: “Kill all the lawyers”

In de rubriek Mansplain Monday wisselen feministische mannen Lucas en Sander elkaar af en beschrijven ze wekelijks hun visie op seksistische zaken. Deze week schrijft Lucas over de spanning tussen het recht enerzijds en de opkomst van een gevaarlijke extreemrechtse beweging. 

“First thing we do, let’s kill all the lawyers”. Iedere eerstejaars rechtenstudent zal deze quote uit Shakespeare’s Henry IV een keer of honderd gehoord hebben, iedere jurist van een eerdere generatie is er immuun voor. Naast uitgemolken wordt hij ook vaak verkeerd gebruikt; veel mensen vatten hem op als een pleidooi voor minder juristen, en meer gezond verstand.

Dick the Butcher, het karakter dat deze zin uitspreekt is op dat moment aan het filosoferen wat hij zou doen als hij alleenheerschappij zou hebben. Juristen zouden dat plan alleen maar in de weg zitten, vandaar dat het handig is die eerst uit de weg te ruimen.

Ik moest de afgelopen dagen vaak aan die quote denken, terwijl de eerste Executive Orders van “president” Donald Trump getekend en al de wereld in geschoten werden. Ieder warhoofd dat enige illusie had dat het nog mee zou vallen met Trumps presidentschap zal daar nu toch goed van beroofd zijn. Van het wegkappen van financiering voor NGOs die abortus mogelijk maken tot de beruchte immigratiestop – annex de Muslim Ban, ban op moslims – lijkt de regering-Trump zich van meet af aan te richten op de kwetsbaarste groepen.

“Ieder warhoofd dat enige illusie had dat het nog mee zou vallen met Trumps presidentschap zal daar nu toch goed van beroofd zijn”

Uitgelokt protest en alt-right tactieken
Het grootste probleem van deze Executive Orders is natuurlijk het openlijke seksisme en racisme dat eruit spreekt, en de mensenrechtenschendingen die ze tot gevolg hebben – lees het interview met Armen Hakhverdian in de Volkskrant van vandaag om daar een idee van te krijgen. De manier waarop ze uitgevoerd worden verraadt echter nog een tweede doel.

Vanzelfsprekend komt er een enorme hoop protest op de Muslim Ban, niet in de laatste plaats vanuit de juridische beroepsgroep. Een federale rechter in New York heeft deportaties op grond van de Ban al opgeschort, en 14 staatsaanklagers hebben zich tegen de ban gekeerd. Er bestaat een aardige kans dat de Executive Order een eventuele toets van het Hooggerechtshof niet overleeft.

Hoe terecht het verzet ook is, het is niet ondenkbaar dat provocatie precies het doel was van de Executive Order: zoveel mogelijk reacties uitlokken, om de rechterlijke macht vervolgens weg te zetten als gepolitiseerde vijanden van het volk.

Deze tactiek is niet toevalligerwijs heel vergelijkbaar met hoe extreemrechtse alt-right websites en organisaties werken; immers, één van Trumps belangrijkste adviseurs is voormalig Breitbart-hoofdredacteur en extreemrechtse ophitser Steve Bannon. Niet voor niets schreeuwt Breitbart nu moord en brand over iedereen die zich uitspreekt tegen Trumps eerste Executive Orders.

De rechtsstaat op de helling
Trump en Bannon schoppen zo op meerdere fronten de rechtsstaat onderuit. Meerdere fronten, want het is niet alleen de rechterlijke macht die het moet ontgelden. De rechtsstaat bestaat behalve uit de klassieke drie machten, ook uit de nodige instituties die een zekere balans vormen tegen een al te actieve uitvoerende macht. De media is daarvan bij uitstek een voorbeeld, maar ook het ambtelijk apparaat en de wetenschap vallen daar onder. Precies die groepen worden nu door de regering-Trump de mond gesnoerd: ambtenaren krijgen gag orders en Twitterverboden, (klimaat-)wetenschap wordt van officiële websites gehaald en grote mediaorganisaties wordt spreekrecht ontnomen.

De reden dat het hier andermaal over Trump gaat, is dat het ook hier niet alleen maar om Trump gaat. Overal in Europa staat in naam van de democratie de democratische rechtsstaat onder druk, en wordt heel bewust politieke oorlog gevoerd tegen een geframede elite die de populistische opvatting van de volkswil in de weg zou staan.

“Overal in Europa staat in naam van de democratie de democratische rechtsstaat onder druk”

Het is echter niet de economische elite, de vermogende groep waar de populisten zich tegen richten – daar zou zelfs nog wat voor te zeggen zijn – het is iedereen die enige tegenmacht zou kunnen vormen, en weerstand kan bieden als de populisten hun favoriete spelletje spelen: De Ander de schuld geven van de veronderstelde malaise van Het Volk, waarbij De Ander per definitie een kwetsbaardere groep is.

Ander orkest, zelfde deuntje
Loop even het electorale veld in Europa na, inclusief Nederland, en we vinden in ieder land wel een partij die dat deuntje speelt. In Nederland kunnen we kiezen uit maar liefst zes clubs wiens kernboodschap bestaat uit het zoveel mogelijk uithollen van de rechtsstaat ten bate van een platte volkswildemocratie.

De PVV, FvD, GeenPeil, VNL, Nieuwe Wegen, en zelfs de VVD tapt tegenwoordig graag uit dit vaatje. Hun idee van democratie lijkt sterk op wat Trump nu uitvent: ik heb gewonnen, dus het is antidemocratisch om hier nu tegen in het verzet te komen.

Inderdaad zien we dat die partijen nu al werk maken van het in diskrediet brengen van de instituties die hun meer radicale plannen zouden kunnen dwarsbomen. Menig Brexiteer, ondersteund door de rechtspopulistische Daily Mail, gaat vol op het orgel tegen de rechters die de euvele moed hadden het Britse parlement zeggenschap te geven over de beslissing uit de EU te stappen.

AfD-politicus Björn Höcke beschuldigt Duitse historici het schoolcurriculum over de Holocaust te verdraaien in het nadeel van Duitsland. Wilders’ politisering van zijn strafproces is bekend, maar ook de VVD lust er wel wat van; zo vroeg Kamerlid Pieter Duisenberg de politieke affiliatie van universitair onderzoekers bekend te maken naar aanleiding van een hem onwelgevallig onderzoek.

Diepe versus oppervlakkige democratie
Dit lijken extreme en incidentele voorbeelden, maar ze staan voor een wereldbeeld waarin democratie is vervlakt tot een simpele meerderheid/minderheid-discussie waar alles gepolitiseerd is, en vaste instituten ‘slechts’ een mening hebben die gelijk staat aan iedere andere mening. In zo’n democratie zijn rechten heel onzeker, omdat ze per simpele meerderheid afgeschaft kunnen worden. Het is een democratie die functioneert per decreet van de toevallige meerderheid, in plaats van op basis van overleg en afweging.

Tegenover die vlakke democratie staat het idee van ‘deep democracy’; het idee dat besluitvorming alleen legitiem is wanneer er voldoende zorg gedragen is voor inclusieve deelname van alle belanghebbende groepen bij dat besluit. Deep democracy vraagt om verregaande decentralisatie van de macht, continue investering in representativiteit van de instituties van de macht en spreiding van tegenmacht.

Er valt te beargumenteren dat ‘diepe’ democratie een stuk democratischer is dan ‘vlakke’ democratie; het idee is er immers op gericht de complete gemeenschap medezeggenschap te geven, in plaats van de meerderheid du jour. Een goed functionerende rechtsstaat is echter een basisvoorwaarde, wil dit idee werken.

Minderheden kunnen pas betekenisvol participeren in de democratie als hun basisrechten gegarandeerd zijn, en ze niet zomaar door de meerderheid aan de kant geschoven kunnen worden. Daar zorgt de rechtsstaat voor. Op die manier is de aanval op de rechtsstaat die vanuit het rechtspopulisme wordt ingezet, een directe aanval op de democratie ten bate van een rechts-autoritaire regeringsvorm.

Kill all lawyers?
Nog even over die Shakespearequote. Een nog iets gedetailleerdere lezing ervan laat zien dat de juristenvriendelijke interpretatie die ik hierboven schetste ook niet helemaal juist is. Er zit spot in, alsof Dick the Butcher zelf eigenlijk dondersgoed weet dat de juristen hem niet in de weg zullen staan. Dat is niet gek, aangezien juristen zich in de 16e eeuw al te vaak opstelden als handlangers in plaats van controleurs van de macht.

“Minderheden kunnen pas betekenisvol participeren in de democratie als hun basisrechten gegarandeerd zijn”

Daarin zit een les, en die is niet alleen dat juristen zichzelf niet zo op de borst moeten kloppen met Shakespeare. Die les is ook dat tegenmacht niks voorstelt als hij niet daadwerkelijk wordt uitgeoefend. Dat het verzet tegen autoritaire regimes niet mag verwateren uit angst ondemocratisch te zijn.

Bovenal, mag de tegenmacht niet afhangen van de welwillendheid van groepen die zelf niet het eerste slachtoffer zijn van autoritaire maatregelen. Daarom is diversiteit en inclusiviteit in de media, in de academische wereld en in het ambtelijk apparaat zo essentieel; het maakt dat die instituten de belangen van minderheidsgroepen niet alleen rationeel begrijpen, maar ook internaliseren.

Het is nog geen zomer 2017 en er moeten nog een reeks verkiezingen volgen voor we zeker weten hoe de komende jaren eruit gaan zien, maar de kans is groot dat de komende vier jaar een zware wissel gaan trekken op de waarden van de democratische rechtsstaat, op inclusiviteit en op de open samenleving.

Degenen die daar het meest van gaan voelen, zijn echter vaak ook degenen die ondervertegenwoordigd zijn in de machten en instituties die dergelijke waarden zouden moeten bewaken. Daar ligt dus een taak: niet alleen om te zorgen dat de verkiezingen in Nederland, Frankrijk en Duitsland geen rechtspopulistische overwinning worden, maar ook om te zorgen dat de rechtsstaat tegen die overwinning bestand is.

Comments

comments