Mansplain Monday #25: De aantocht van het nepnieuws

In de rubriek Mansplain Monday wisselen feministische mannen Lucas en Sander elkaar af en beschrijven ze wekelijks hun visie op seksistische zaken. Deze week: Lucas over de impact en achtergrond van ‘nepnieuws’. 

‘All the news that’s fit to print’, zo luidt de slogan van de New York Times. Leuke slogan, maar de laatste tijd is het steeds meer de vraag of dat tweede element door veel media wel zo serieus wordt genomen. Sinds de verkiezing van Trump is er veel te doen rond het rondpompen van fake news, verzonnen berichten met de schijn van echt nieuws. Het is zelfs zo erg dat de top 5 nepartikels op Facebook meer gelezen zijn, dan de top 5 echte artikels. Nu lijkt het ook door te dringen in Nederland, door de controverse rond de kerstpromo van NPO.

Eigenlijk is het woord fake news om twee redenen niet helemaal terecht. Ten eerste suggereert het dat het gaat om nieuws dat onjuist of gefabriceerd is – nieuws waarvan de feiten verzonnen zijn. Wat nu echter doorgaat voor fake news is echter vaak wel gebaseerd op feiten, maar geeft een draai aan die feiten of plaatst ze in een onjuiste context, waardoor ze een bepaalde lading krijgen die niet strookt met de eigenlijk context.

Zie bijvoorbeeld het nieuws over het ‘feestdagenspotje’ van de NPO: dat spotje bestaat wel degelijk, maar door het in de context van ‘islamisering’ te gooien in plaats van ‘generiek spotje dat ook gedraaid kan worden voor oud en nieuw’ krijgt het een compleet andere lading.

De onschuldige kettingbrieven van 2016
Het tweede probleem is dat fake news vrij onschuldig klinkt: er wordt een onjuist bericht rondgespamd, so what? Vroeger kregen we ook kettingbrieven met de gekste beweringen? Samenzweringen kennen we bovendien al jaren, dat is toch ook nepnieuws? En bovendien, trappen niet alle kranten om de zoveel tijd in een 1-april-grap? Het klinkt alsof een bericht van de Speld per ongeluk wordt gedeeld als ‘echt’ nieuws, zonder dat daar verder al te kwade bedoelingen achter zitten.

Wat nu voor fake news moet doorgaan is echter veel vaker bewuste verspreiding van misinformatie om een bepaalde groep in een kwaad daglicht te zetten: vluchtelingen, moslims, en zeker ook vrouwen. Achter de verspreiding zit ook een belanghebbende met een machtspositie, die zijn positie graag behoudt, en die minderheden daarmee vaak beschadigt. Dat is geen fake news: dat is bewuste desinformatie.

“Het houdt echter niet op bij de war on christmas en dergelijke witte cultuurpaniek” 

The war on christmas
Zoals vaker is dit een fenomeen dat lijkt te zijn overgewaaid vanuit de Verenigde Staten. Neem nu het zogenaamde verbieden van de kerstgroet om moslims niet voor het hoofd te stoten: dit is rechtstreeks gejat van de war on christmas, een sinds 2005 jaarlijks terugkerende discussie.

Het enige verschil is dat de beschuldigende vinger in de VS vooral gaat naar ontkerkelijkte seculieren die zogenaamd het christelijke geloof zouden onderdrukken met hun ‘happy holidays’. Zogenaamd, want een beetje onderzoek leert dat de hele controverse van A tot Z is verzonnen door Fox News – net zoals de hele kerstcontroverse in Nederland uit de duim gezogen is, en men tot in Turkije moet zoeken voor een – vermoedelijk eveneens onjuist – voorbeeld van het schrappen van ‘kerst’.

Het houdt echter niet op bij de war on christmas en dergelijke witte cultuurpaniek. Het Amerikaanse abortusdebat is ook doordrenkt van de valse beweringen om de pro-choice-hoek in diskrediet te brengen. Zo verscheen er tijdens de Republikeinse voorverkiezingen een filmpje dat zou ‘bewijzen’ dat Planned Parenthood delen van geaborteerde baby’s zou verkopen.

Het filmpje bleek van knip-en-plakwerk aan elkaar te hangen, maar wierp voldoende stof op voor de GOP-kandidaten om eens even goed los te gaan over hoe Planned Parenthood geen geld meer zou mogen ontvangen van de Amerikaanse overheid. Eén van de belangrijkste verspreiders van het filmpje: Breitbart, de extreem rechtsconservatieve site wiens hoofdredacteur nu speciaal adviseur van Trump wordt.

Het frame blijft je bij
Hier zit de kern van het probleem van fake news: het gaat niet om incidentele stukjes die viral gaan. Al te vaak is het een instrument in de handen van groepen die traditioneel de media te domineren, om het debat met valse beelden naar hun hand te zetten. Veel nepnieuws is terug te leiden op rechts-conservatieve clubs, achter een populistische politicus. Het is een nieuwe politieke tactiek, en een goede ook.

“De luisteraar onthoudt immers weinig van de argumenten, maar wel veel van het frame en de woorden waarmee het debat gevoerd werd”

Zoals een beetje debater je kan vertellen win je een debat zelden of nooit met puur de rationele kracht van je argumenten of de juistheid van je beweringen; je wint het debat door de luisteraar mee te nemen in je frame. Zodra je je opponent dwingt te debatteren binnen jouw frame heb je hem precies waar je hem hebben wil. De luisteraar onthoudt immers weinig van de argumenten, maar wel veel van het frame en de woorden waarmee het debat gevoerd werd.

Nepnieuws is gevaarlijk omdat het een frame zet waarbij er nauwelijks met feiten terug te knokken valt. Het profiteert van het feit dat we ons met name online ook steeds meer organiseren rond mensen die hetzelfde denken als wij, hetzelfde lezen als wij en steeds minder meningen van buitenaf ontvangen. Stukjes nepnieuws worden opgepikt, verslonden en voorgehouden aan andersdenken die kritische noten plaatsen bij wat de groep denkt. Zelfs als de feiten vervolgens niet of slechts deels blijken te kloppen, is de indruk die de groep toch al had weer bevestigd.

De autoriteit doet geloven
Wie het nepnieuws brengt maakt daarbij ook nogal uit. Van politici verwacht men dat ze losjes met de feiten omgaan, maar als een mainstream journalist een bericht brengt geeft dat doorgaans een meer onpartijdige indruk. Daar mogen journalisten zelf best een stuk kritischer mee omgaan. Veel nepnieuwsberichten worden in eerste instantie vrolijk rondgepompt door een medium als de NOS, of RTL, voordat het genuanceerd of soms zelfs ingetrokken wordt.

Nog iets subtieler is het als het betreffende medium het commentaar van anderen brengt als het nieuws: opnieuw, zie het kerstfilmpje van de NPO, waarbij de boosheid van Bosma en Baudet het ‘nieuws’ was (en dus meegaan in hun frame). Dat Bosma en Baudet er zelf een belang bij hebben om te doen alsof Nederland met zijn 5% moslims zou islamiseren, zegt de NOS er zelf even niet bij.

Het zou Nederlandse media sieren als ze wat meer zouden leren van het tweede deel van de NYT-slogan: wanneer is nieuws fit to print? Wanneer je de eerste bent? Of wanneer je even goed hebt gecheckt of het wel degelijk nieuws is? Wie heeft er belang bij dat het beeld uit een bepaald nieuwsbericht bestaat? En wat voor disproportionele schade berokkent het op al kwetsbare minderheidsgroeperingen? Met de verkiezingen in aantocht gaat er onzin rondgestrooid worden. Het zou mooi zijn als de media zelf daar niet ook nog eens aan meedoen.

Comments

comments