Mansplain Monday #20: “Doe eens niet zo emo”

In de rubriek Mansplain Monday wisselen feministische mannen Lucas en Sander elkaar af en beschrijven ze wekelijks hun visie op seksistische zaken. Deze week Lucas over een techniek die tegenstanders van activisten gebruiken om hen te manipuleren om hun boosheid weg te stoppen.

We hebben hier vaak geschreven over misbruik, maar één term is nog niet zo vaak langsgekomen: ‘gaslighting’, een vorm van psychologisch misbruik waarbij het slachtoffer wordt geïsoleerd en iedere waarneming of emotie in twijfel wordt getrokken.

Wanneer het slachtoffer tegen de misbruiker in gaat, draait de misbruiker de situatie om door het slachtoffer te vertellen dat ze dramatiseert, overdrijft, of zich niet verplaatst in de misbruiker. De misbruiker manipuleert het slachtoffer zodat die zijn of haar eigen gevoelens niet meer vertrouwt en alleen nog maar op de informatie kan leunen die de misbruiker geeft.

Dit is een vorm van psychologisch misbruik waarbij er vaak een narcistische persoonlijkheid in het spel is. Het is echter wel een mooie parallel voor hoe we omgaan met emoties in het maatschappelijk debat. Het is heel bon ton om te roepen dat dat debat het best functioneert bij kalme, rationele uitwisseling van argumenten; dat we ons niet moeten verliezen in emoties. Daar valt in abstracto wellicht wat voor te zeggen, maar nader bekeken blijkt het in sociale kwesties toch vaak niet zo simpel.

Amerikaanse presidentsverkiezingen show it all
Case in point: Hillary Clinton. De huidige Amerikaanse presidentscampagne zijn de meest in het oog springende
shitstorm  van seksisme, rape culture en wit mannelijk privilege zijn die we momenteel hebben. Je kunt een hoop van Clinton vinden en vrachtladingen inhoudelijke kritiek hebben op haar politieke ideeën, maar voor één ding kun je niet anders dan respect hebben: de ogenschijnlijke kalmte waarmee ze de schier oneindige stroom aan beledigingen, insinuaties en samenzweringstheorieën ondergaat die haar kant op geslingerd worden. Voor Barack Obama geldt hetzelfde: zie bijvoorbeeld deze speech, waar hij even kort ingaat op de meer ridicule dingen die over hem worden gezegd.

Zet dat eens tegenover het stampvoetende kind in de gedaante van een zestiger met blonde haathelm, en zijn reactie op iets futiels als een SNL-parodie, en het contrast wordt duidelijk. Noch Hillary, noch iedere andere kandidaat die niet wit en man is, was weggekomen met het gedrag waar Trump niet alleen mee wegkomt – hij maakt er z’n belangrijkste selling point van.

Toegegeven, hij lijkt nu te ver te zijn gegaan – voor wat dat waard is – maar het had natuurlijk zo ver mogen komen. Er valt echter weinig anders te verwachten in een samenleving die er van opkijkt dat mensen van kleur heftig protesteren als ze in disproportioneel veel te maken hebben met politiegeweld, tot de dood aan toe.

Nederlanders winnen niet van Amerikanen
Wij zijn in Nederland geen haar beter. Zie uitentreuren de Zwarte Piet-kwestie, die zich langzamerhand weer begint aan te dienen. Twee van de meest zichtbare mensen in dat protest, Quinsy Gario en Jerry Afriyie, worden niet zelden weggezet als
angry black men (wat dat ook mag betekenen) die zich om de gekste dingen druk maken. Dat beide in persoon bijzonder prettige, aimabele mensen zijn is niet eens het probleem.

Zelfs al waren ze de confronterende radicalen waar sommige rechtse media ze voor houden, maakt dat hun boodschap minder valide? Maakt dat hun argumenten minder aanhorenswaardig? Of zijn we gewoon bezig het punt te ondermijnen dat ze maken omdat we er inhoudelijk moeite mee hebben? De drift van het Openbaar Ministerie om kostte wat kost Afriyie te vervolgen doet het laatste vermoeden.

“Sociaal onderdrukte groepen worden wijsgemaakt dat de terechte boosheid die zij voelen bij ongelijkheid overdreven, ongerechtvaardigd en onnodig is”

Vergelijk dit eens met hoe we met de witte stemmen in dit racismedebat omgaan, of met de mannenstemmen met ieder debat rond feminisme. Keer op keer wordt ons verteld, door communicatieadviseurs, door ‘bezorgde’ politici, door commentatoren op ‘mainstream’ nieuwsmedia, en door opiniepeilers, dat we de boze witte burgers niet zomaar kunnen negeren.

Ja, nee, ze drukken zich niet erg diplomatiek uit, wensen mensen dood, gooien de gekste beweringen heen en weer, maar het gaat om de emotie die eronder zit; die komt toch érgens vandaan? Daar moeten we eindeloos aan tegemoet komen, want god verhoede dat we die schreeuwende witte man het idee geven dat hij niet serieus wordt genomen.

Effe niet zo emo!
Ben je vrouw, van kleur of identificeer je je als anders dan cisgender en hetero, dan is die emotie echter eng, irrationeel of op z’n best irrelevant. Dan word je gevraagd om je toon te matigen, ‘eens humor te hebben’ of wordt er hardop gespeculeerd over de maandelijkse staat van je geslachtsorganen.

Dat is eigenlijk niets minder dan sociaal gaslighting: de emotionele onderbuik van één groep dominant laten zijn voor die van de complete samenleving, en die van de rest structureel ontkennen en ridiculiseren tot een punt dat die groep zich geroepen voelt om een soort pseudo-rationele toon aan te meten om maar mee te mogen praten. Zo krijgen we types als Elma Drayer of Sarah Sluimer, die zichzelf in iedere column menen te moeten afzetten tegen activisme en emotie; alsof dat hun feminisme beter of zuiverder zou maken.

Het dictaat van de ratio
Gaslighting gebeurt echter ook subtieler. Er is hier al vaker aandacht besteed aan de discussies rond slavernij, dekolonisatie en hoe de gevolgen daarvan nu nog steeds voelbaar is. Niettemin is de eerste reflex wanneer het besproken wordt vanuit wit Nederland nog steeds: “
joh, waar maak je je druk om?”

Of het nou gaat om de “politionele acties” waarvan de slachtoffers nog leven, of de rijkdom door slavenhandel die de toeristen per duizendtal naar Amsterdam trekt: de dominante groep heeft besloten dat het klaar is, dus boos worden is onnodig. Wellicht kunnen we het nog even rustig doorspreken en tot een compromis komen, als we de emotie er maar buiten laten.

Zie hier het eenzijdig dictaat van de ‘ratio’. Zoals het slachtoffer van gaslighting niet meer tegen de misbruiker in durft te gaan, wordt sociaal onderdrukte groepen wijsgemaakt dat de terechte boosheid die zij voelen bij ongelijkheid overdreven, ongerechtvaardigd en onnodig is. Dat ze niet zo emotioneel moeten reageren, maar de zaken eens rustig moeten bekijken voordat ze ergens boos om worden. Dat is delegitimatie van het zuiverste soort en hoort in geen enkel debat thuis.

Comments

comments