Feministische taal 101: help, ik ken een term niet!

Het feminisme is een stroming waarin veel gebruik gemaakt wordt van jargon. Door deze vaktaal wordt het soms voor geïnteresseerden die er niet zoveel vanaf weten erg ingewikkeld en lastig. Veel termen komen ook nog eens uit Engeland en Amerika. Vandaag maken we het ietwat overzichtelijker met een (nog verre van complete) lijst met wat begrippenuitleg.

Feministische basistermen

Feministische golven
Er zijn door de jaren heen verschillende feministische golven over de wereld getrokken. Hiermee wordt bedoeld dat het feminisme tijdelijk ‘oprukte’ en dus meer aandacht genereerde en ontving dan ervoor of erna. Ook ruim voor dat deze golven er waren, waren er mensen met de positie van de vrouw bezig. Maar als het over specifieke feministische golven gaat, gaat het vaak over het feminisme van de afgelopen eeuw in de westerse wereld:

Eerste feministische golf: begon zo rond de jaren 10/20 van de vorige eeuw en draaide vooral om kiesrecht voor vrouwen. De groep vrouwen die daar voor streden werden ook wel suffragettes (VK) genoemd. Bekende namen: Wilhelmina Drucker (NL), Nellie van Knol (NL), Marie Popelin (België), Mary Wollstonecraft (VK).

Tweede feministische golf: begon halverwege de vorige eeuw en draaide voornamelijk om gelijk loon voor gelijk werk, betere wetgeving betreffende huiselijk en seksueel geweld en meer toegang tot (betere) anticonceptie. De bekendste Nederlandse feministische slogan komt uit deze periode: “Baas in eigen buik!” (van de Dolle Mina’s, zie hieronder). Bekende namen: Simone de Beauvoir (Frankrijk), Betty Friedan (V.S.), Joke Smit (NL).

Derde feministische golf: begon zo rond de jaren negentig en ging niet langer meer enkel om juridische doelen, maar om ongeschreven regels waardoor vrouwen nog geen complete vrijheid hadden. Het ging voornamelijk over zelf-ontplooiing, keuzevrijheid en er kwam meer een focus op diversiteit (ofwel: intersectionaliteit). Sommigen stellen dat de derde feministische golf nog bezig is, anderen beweren dat er een vierde feministische golf gaande is. Bekende namen: Naomi Wolf (V.S.), Audre Lorde (V.S.), Rebecca Walker (V.S.), bell hooks (V.S.)

De Tweede Sekse
Een boek dat Simone de Beauvoir, een grootse Franse filosofe die ironisch gezien vaak alleen wordt genoemd als vrouw-van (Jean-Paul Sartre) in 1949 schreef. De titel verwijst naar hoe vrouwen altijd als ‘de ander’ worden gezien: zij bestaan niet an sich, maar alleen in hun relatie tot de man. Zij worden dus gemaakt tot ‘de tweede sekse’. Het boek wordt door vele feministen beschouwd als de feministische bijbel. Een van de meest bekende zinnen uit dit boek is: “Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt tot vrouw gemaakt”. Hiermee verwees de Beauvoir al naar de later bedachte termen sekse en gender.

Dolle Mina’s
Gedurende de tweede feministische golf ontstond de Nederlandse feministische groepering “Dolle Mina’s”. De naam verwijst naar Wilhelmina Drucker, feminist van het eerste uur. Zij werd in haar tijd Ijzeren Mina genoemd, maar de groep wilde hier een positieve twist aangeven. De Dolle Mina’s kwamen in de jaren zeventig op en voerden vooral ludieke acties, hetgeen hun naam ook impliceert. Zo bezetten zij een Business School die vrouwelijke studenten weigerden en sloten ze deze actie af met een publieke korsetverbranding,  bonden ze roze linten om mannen-wc’s omdat er geen openbare toiletten voor vrouwen waren, riepen en floten ze mannen openlijk na in de Amsterdamse binnenstad en vielen ze de redactie van de Margriet binnen met luchtverfrissers (‘er hangt een luchtje aan vrouwenbladen’) omdat ze het blad te zoet vonden. De term “Baas in eigen buik” wordt gekoppeld aan deze groep, zij pleitten o.a. voor de legalisering van abortus.

Intersectioneel feminisme/kruispuntfeminisme
De term ‘intersectionaliteit’ komt voort uit de kritiek op de westerse, witte en hoogopgeleide feministische visie. Het besef dat niet iedereen dezelfde voordelen en privileges heeft als deze vrouwen kwam gedurende de derde feministische golf meer en meer op, al was de kritiek er waarschijnlijk al langer. Intersectionaliteit houdt dus in dat feminisme inclusief moet zijn voor minderheden (zoals biseksuele of homoseksuele vrouwen, transvrouwen, gehandicapte vrouwen, vrouwen uit etnische minderheden). Uitgebreider omvat het de visie als bedacht door Kimberlé Crenshaw dat elk persoon en zijn/haar identiteit bestaat uit verschillende identiteiten: huidskleur, klasse, geslacht, gezondheid, seksualiteit etc en dat al deze identiteiten elkaar overlappen (doorkruisen) en gezamenlijk zorgen tot een bepaalde positie in de maatschappij, waarbij bepaalde identiteiten meer privileges dan andere genieten.

Men’s Rights Activism/MRA
Mannenrechtenbewegingen bestaan sinds de jaren zeventig in (net zoals bij het feminisme) verschillende vormen en ideologieën. Online is er een grote groep mannen die zich MRA noemt: zij zetten zich af tegen het feminisme omdat zij van mening zijn dat juist mannen onderdrukt worden. De MRA wordt ook vaak geassocieerd met gamer gate, een grote rel op het internet over seksisme in de gameindustrie.

Misandrie en misogynie
Misandrie is het haten van mannen, misogynie het haten van vrouwen. Een belangrijk detail is daarbij om rekening te houden met machtsverhoudingen: misogynie kent een eeuwenlange geschiedenis, terwijl er geen periode of land te bedenken is waarbij mannen stelselmatig onderdrukt zijn.

Seksisme
Seksisme is een proces waarbij iemand beoordeeld wordt op basis van zijn of haar geslacht, en hangt ook samen met rolpatronen en verwachtingen rond geslacht. Seksisme kan gecombineerd met ongelijke machtsverhoudingen, in het geval van vrouwen, leiden tot stelselmatige onderdrukking van die groep.

Privilege
Het voordeel of voorrecht (dit kan zowel informeel als formeel zijn) dat bepaalde mensen ten opzichte van anderen hebben. Privilege kan men op heel veel manieren hebben: geslacht (hier houdt het feminisme zich het meeste mee bezig), etniciteit, ras, religie, seksuele voorkeur, opleidingsniveau, gezondheid, huidskleur, naam, sociaal netwerk, etc. Door deze voordelige positie zullen geprivilegieerden minder snel barrières tegenkomen en de minder prettige situatie van de niet-geprivilegieerden waarschijnlijk niet goed kunnen (h)erkennen. Hier vind je een handige illustratie van het concept.

Het patriarchaat
Een term voor een samenlevingsvorm waarbij (witte) mannen in de maatschappij een dominante rol innemen. Dit betekent zowel macro (hoge machtsposities in de politiek, het bedrijfsleven, de media) als micro (binnen een gezin bijvoorbeeld). Het gaat hier dus expliciet om machtsverhoudingen die met name mannen innemen in samenlevingen. Het patriarchaat wordt vaak door feministen als (soms ironische of ludieke) verzamelterm gebruikt voor al het kwaad dat genderongelijkheid met zich mee brengt. “Oh, Anne, vandaag werd ik me toch wakker met een portie zin om het patriarchaat te slopen!”

Onderdrukking/oppressie
Het grootschalige proces waarbij een groep mensen op basis van een gedeelde eigenschap beperkt wordt in hun levenskansen en vrijheid. Onderdrukking ofwel oppressie gaat om het ongelijk en minderwaardig maken van een bepaalde groep ten opzichte van een andere groep. Bijvoorbeeld historisch en actueel gezien bij vrouwen ten opzichte van mannen, niet-witte mensen ten opzichte van witte mensen, niet-hetero mensen ten opzichte van heteromensen, etc. Klassiek wordt er vaak mee bedoeld; onderdrukking vanuit de staat tegen de burger, maar dit hoeft niet per se, al is er bij onderdrukking vaak ook (historisch) beleid gemoeid. Onderdrukking kan ook vanuit een maatschappij komen zonder staatsinvloeden. Het gaat hierbij dus niet om puur individuele situaties, maar om stelselmatige uitsluiting.

Woke (mensen)
De term waarmee mensen (vaak ludiek) worden aangeduid die zich bewust zijn van ongelijkheid in de breedste zin van het woord. Je kunt bijvoorbeeld een homorechtenactivist, feminist en antiracisme-activist tot vrij woke mensen rekenen. Mensen die zich hiervan niet bewust zijn, zijn niet-woke ofwel asleep. Tijd voor een wake-up call! Hihi.

Seksualiteit

LGBTI
Een afkorting voor allerlei seksuele voorkeuren die ‘anders’ zijn dan heteroseksualiteit. Het staat voor: lesbian, gay, bisexual,  transgender en intersexual. Vaak worden er ook nog letters (zoals de Q) aan deze lijst toegevoegd, zie hieronder. De Nederlandse variant is LHBTI (lesbisch, homoseksueel, biseksueel, transgender en interseksueel)

GSM
Gender- en seksuele minderheid of minderheden (gender and sexual minority). Een opkomende term als vervanger voor LGBT etc, omdat GSM inclusief is en in principe ‘alle lettertjes’ omvat.

Questioning
Iemand die er nog niet over uit is wat zijn of haar seksuele voorkeur is.

Queer
‘Queer’ is een verzamelterm voor gender- en seksuele minderheden (die dus niet-hetero en/of transgender zijn). Vroeger was ‘queer’ een denigrerende term naar niet-hetero’s toe, maar inmiddels wordt het als ‘geuzennaam’ gereclaimed door queer mensen zelf. Queer is ook een verwijzing naar een houding waarbij een binair (de hokjes man-vrouw) wereldbeeld wordt gepoogd te overstijgen. Queer staat voor intersectionele, inclusieve en anti-normatieve houding qua gender en seksualiteit.

Aseksualiteit
Aseksuelen zijn mensen die weinig tot geen seksuele gevoelens hebben. Dit kan zich op verschillende manieren uiten. Er zijn aseksuelen die geen relaties willen, anderen die wel relaties willen, maar zonder seks of intimiteit, of een combinatie van deze twee. Aseksualiteit is iets heel anders dan celibatair leven, aangezien het geen keuze maar een seksuele voorkeur op zichzelf is. Aseksueel is anders dan aromantisch: bij aseksueel gaat het om het ontbreken van seksuele gevoelens, bij aromantisch gaat het om het ontbreken van romantische gevoelens (verliefdheid).

Panseksueel
Een iets minder bekend begrip is panseksualiteit: dit zijn mensen die op mensen van alle geslachten vallen. Het lijkt op biseksualiteit maar het is iets uitgebreider, aangezien het ook bijvoorbeeld gaat over transgenders en interseksuelen, dus mensen die niet in de binaire geslachtshokjes vallen (zie kopje hieronder).

Polyseksueel
Polyseksualiteit wordt vaak verward met polyamorie en panseksualiteit, maar dit gaat specifiek over mensen die vallen op mensen met een non-binair geslacht (zie kopje ‘gender’).

Polyamorie
Polyamorie gaat over de levenswijze waarbij mensen meerdere relaties op hetzelfde moment hebben, met als toevoeging dat alle partners er vanaf weten en toestemming hebben gegeven. Vreemdgaan is dus geen vorm van polyamorie; vreemdgaan komt voor in monogame relaties. Zie ook bijvoorbeeld het boek van Simone van Saarloos: “Het monogame drama”

Monogamie
Monogamie gaat over de levenswijze waarbij mensen één relatie met een persoon prefereren.

Slutshaming
Het proces waarbij personen (veelal zijn dit vrouwen) vernederd worden of geacht worden zich te schamen voor hun seksuele keuzes. Vaak betreft het een seksuele stijl waarbij de actor niet discreet of selectief is bij het kiezen van seksuele partners.

Sex-positive/sex-negative (ook wel: “the feminist sex wars”)
Het feminisme is heel divers: er zijn meerdere stromingen te vinden en per feminist verschillen standpunten over bepaalde zaken. Een grote scheiding op het gebied van seksualiteit is het verschil tussen ‘sex-positive’ en ‘sex-negative’ feministen. De eerste groep (ook wel pro-sex feminism, sex-radical feminism, sexually liberal feminism) stimuleert vrijheid van seksualiteit voor vrouwen en steunt over het algemeen sekswerk (waaronder porno) waarbij de sekswerkers met prettige werkomstandigheden te maken krijgen: zij zien seksuele vrijheid als een hoofdpunt van gelijkheid voor vrouwen.

Sex-negative feministen zijn over het algemeen van mening dat sekswerk waaronder porno altijd vrouwonderdrukkend is en vrouwen middels sekswerk worden geobjectificeerd, eenzijdig worden geseksualiseerd en onwaardig worden behandeld. Sex-negative feministen haten seks dus niet, maar bekritiseren volgens hen het patriarchale karakter van seksualiteit in de hedendaagse samenleving.

De ‘strijd’ tussen de twee groeperingen wordt ook wel ‘the feminist sex wars’ genoemd. Je zou kunnen beargumenteren dat de sex-positive feministen meer oog hebben voor keuzevrijheid van het individu (een liberaler soort feminisme), en de sex-negative feministen meer focussen op het macroniveau van seksualiteit. Je kunt als feminist natuurlijk ook tussen deze twee kampen zitten.

Gender

Gender
Het begrip gender wordt op verschillende manieren gebruikt: in het Engels betekent het vaak het biologische geslacht (man/vrouw), maar gender gaat als term binnen de sociale wetenschappen over de identiteit die bij een biologisch geslacht hoort. Dit is een cultureel aspect dat afhankelijk van tijd en regio erg kan verschillen. Zo is de ‘genderkleur’ voor vrouwen vaak roze en voor mannen blauw (fun fact: 200 jaar terug was roze een ‘mannenkleur’).

Geboortegeslacht
In het Engels ook wel ‘assigned sex/birth’. Het geboortegeslacht van een persoon is het geslacht zoals de dokter of kraamhulp dat na een geboorte bepaalt.

Intersexual
Een verschijnsel waarbij iemands lichaam niet biologisch eenduidig mannelijk of vrouwelijk is. Dit kan zich uiten in chromosomen en/of geslachtsorganen.
Voor de duidelijkheid: dit is dus (meestal) anders dan bij transgenders, bij wie het geslacht bij de geboorte vaak duidelijk biologisch mannelijk of vrouwelijk lijkt te zijn.

Non-binary/non-binair
Dit is ook een genderindentiteit. Een non-binair persoon is iemand die zich niet (overwegend) man of vrouw voelt, maar die qua genderidentiteit er meer ‘boven stijgt’. Het verschil met interseksualiteit is dat interseksualiteit dus over het lichaam gaat, en non-binair over hoe iemand zich identificeert.

Genderidentiteit
De genderidentiteit is hoe iemand naar zijn eigen gender kijkt: de genderidentiteit van iemand die zich vrouw voelt en een vrouwenlichaam heeft is heel anders dan de genderidentiteit van iemand die zich man voelt en een vrouwenlichaam heeft.

Cisgender
Cisgender is een genderidenteit: cisgenders identificeren zich met hun geboortegeslacht.

Transgender
Transgender is ook een genderidentiteit: transgenders identificeren zich niet met hun geboortgeslacht. een transman is iemand die bij de geboorte biologisch op de wereld kwam als meisje, maar die zich identificeert als man. Ook wel: vrouw-naar-man transgender of FtM transgender (van het Engelse Female to Male). Een transvrouw: iemand die bij de geboorte biologisch op de wereld kwam als jongen, maar die zich identificeert als vrouw. Ook wel: man-naar-vrouw transgender of MtF transgender (van het Engelse Male to Female). Sommige transgenders ondergaan dan ook geslachtsaanpassende operaties en/of slikken hormonen, maar ook zonder die ingrepen zijn zij transgenders, omdat zij zich niet identificeren met hun geboortegeslacht. Een oud woord voor transgender is transseksueel, maar dat wordt inmiddels vaak als gedateerd gezien.

Hormoonbehandeling
Het nemen van hormonen om het lichaam aan te passen naar de wensen van de transgender. Voor transmannen is dit testosteron, dat zorgt voor een lagere stem, meer haargroei, meer spieren en een andere vetverdeling. Voor transvrouwen is dit oestradiol en tot een eventuele operatie ook een anti-mannelijkheidshormoon.  Zij krijgen een andere vetverdeling, borstgroei en een zachtere huid.

Geslachtsaanpassende operatie
Een operatie die het lichaam aanpast naar de wensen van de transgender. Meest voorkomend voor vrouwen zijn de vaginaplastiek waarbij van de penis een vagina wordt gemaakt en voor mannen een borstverwijdering en een eierstok- en baarmoederverwijdering.

‘Ombouwen’ is hier voor geen oké beschrijving: een denigrerende term die duidt op de transitie. Roept associaties op met auto’s en playstations, niet met mensen.

Agender
Agenders zijn mensen die zich niet identificeren met een specifiek geslacht of met hun geboortegeslacht. Deze mensen ervaren zichzelf als niet duidelijk man of vrouw.

Genderneutraliteit
Genderneutraliteit is het tegenovergestelde van seksisme. Het heeft betrekking op verschillende zaken, vaak wordt het gelinkt aan wc’s, maar ook aan de opvoeding van kinderen. Genderneutraliteit gaat vooral om het loskoppelen van gender aan biologisch geslacht: het promoot het idee dat ieder mens zich vrij zou moeten ontwikkelen, zonder beperkende invloed van hun geslacht. Dit is dus niet hetzelfde als ontkennen dat iemand een biologisch geslacht heeft.

Crossdresser
Een crossdresser (Nederlandse term voor dit woord, dat vaak denigrerend en verkeerd wordt gebruikt is ‘travestiet’) is iemand die het prettig vindt zich voor een gedeelte van de tijd te kleden en te uiten als iemand van een ander geslacht, of bepaalde uiterlijke kenmerken over te nemen van een ander geslacht.