De wereldwijde strijd tegen seksueel geweld

Op 22 oktober 2015 schreef Anke Laterveer een blog over hoe ze aangerand werd op een date bij haar thuis. De man in kwestie deed opdringerig en probeerde haar te verkrachten. Toen zij hem vertelde dat hij weg moest gaan, weigerde hij, lachte hij haar uit en viel op haar bed in slaap. Ze belde 112. Toen vertrok hij pas. Nog veel later kwam de politie. Het contact met de politie ging niet soepel: als ze een paar dagen later aangifte wil doen, krijgt ze van de politie met name indirect te horen dat het eigenlijk haar eigen schuld is. Had ze de man maar niet moeten uitnodigen in haar eigen huis.

Toen Anke een paar dagen later haar verhaal herhaalde bij Pauw barstte het commentaar los. Er waren volgens een groep mensen allerlei redenen waarom ze niet verkracht was en het eigenlijk aan zichzelf te danken had. De redenen varieerden van ‘Ze is te dik om verkracht te worden’ tot het argument van de politie: ‘Had ze hem maar niet binnen moeten laten’. Uit solidariteit ontstond een paar dagen later de actie #ZegHet waarop vrouwen hun verhaal over seksueel geweld deden. Met succes: vele vrouwen deelden hun ervaringen. Er werden Kamervragen gesteld, en het onderwerp blijft op de kaart.

#EstuproNuncaMais 
Nederland is niet het enige land waar de afgelopen tijd in het publieke debat veel aandacht wordt besteed aan seksueel geweld, en specifiek: hoe de samenleving en het strafrecht met dit soort zaken omgaan. Bijvoorbeeld in Brazilië, waar de groepsverkrachting van een zestienjarig meisje (waarvan beelden op Twitter werden geplaatst) ervoor zorgde dat er zowel op Twitter met de hashtag #EstuproNuncaMais (wat vertaald kan worden als ‘Verkracht Nooit’) als op straat grote demonstraties ontstonden. De reden: de manier waarop er met haar verkrachting om werd gegaan. De groepsverkrachting werd door velen niet veroordeeld, maar ‘geliked’. Ze vroeg er om, door hoe ze gekleed was, maar ook dat het an sich legitiem was. Haar vriend vermoedde immers dat ze vreemdging. Het slachtoffer schreef een paar dagen later: “It does not hurt the uterus, but the soul because there are cruel people who are getting away with it.”

Bron: Buzzfeed
Bron: Buzzfeed

Dat komt ongeveer overeen met de brief die het verkrachtingsslachtoffer van Brock Allen Turner aan haar dader schreef. Ze kon niet begrijpen hoe de man, die door iedereen als schuldig werd bevonden en maximaal 14 jaar cel kon krijgen, werd veroordeeld tot zes maanden cel. Volgens de rechter omdat een langere straf een ‘te grote impact’ zou hebben op zijn leven en zijn doel: olympisch zwemmer worden. “Hoezo wordt Brock gezien als het enige slachtoffer in deze zaak?” vroeg zij zich af. “Hoezo doet hij alsof een avond drinken één leven verpest, terwijl onze beide levens voor altijd veranderd zijn, en ik een jaar na datum nog steeds met een lichtje aan moet slapen?” De publieke woede werd nog groter toen er een brief van de vader van de dader uitlekte waarin hij de daden van zijn zoon geen seksueel geweld noemde, maar “20 minutes of action”. Ook hier komt weer naar boven hoe met name Brock als een slachtoffer van zijn daden wordt neergezet, waarbij een bijkomende fout is van het slachtoffer om alcohol te drinken. Tot een zekere hoogte kunnen we begrijpen dat zowel de vader als de advocaat dit frame aanhalen: zij hopen op een zo laag mogelijke straf en zullen alles doen om dat te bewerkstelligen, maar het is shocking om te zien hoe ver het juridische systeem daar in mee gaat.

“It does not hurt the uterus, but the soul, because there are cruel people who are getting away with it”

Secundaire victimisatie
Waarschijnlijk krijgt deze jongen nu maar drie tot zes maanden gevangenisstraf. Ondanks dat meerdere getuigen hem op de bewuste vrouw zagen liggen en hij is veroordeeld voor poging tot verkrachting en aanranding, iets waar veertien jaar cel voor geëist werd. Het laat zien hoe ook de rechters meegaan in een systeem waarin daders het voordeel van de twijfel krijgen in plaats van veroordeeld worden op hun daden. De slachtoffers daarentegen krijgen (net zoals Anke en het zestienjarige meisje in Brazilië) een portie secundaire victimisatie op hun bordje: het fenomeen waarbij slachtoffers de schuld krijgen van hun verkrachting. In plaats van dat de dader aangekeken wordt op zijn daden, verschuift de blik naar de slachtoffers en wordt hen gevraagd wat zij deden om hun leed te voorkomen.

Dat lijkt de rode draad te zijn in de protesten tegen seksueel geweld van de afgelopen tijd. Of dat nou in Brazilië, Nederland, de VS of bijvoorbeeld België (#wijoverdrijvenniet) of Londen (#WeCount) is. Het stelt niet alleen seksueel geweld aan de kaak, maar ook de manier hoe mensen op slachtoffers reageren die hun verhaal delen. Zodat als je iets naars overkomt, je ook veilig je verhaal kunt doen bij de politie. Het verenigt vrouwen, slachtoffer of niet, in een strijd die niet alleen gaat over veiligheid, maar ook over serieus genomen worden.

Comments

comments

1 Comments

  1. Pingback: Mansplain Monday #10: Onze verkrachtingscultuur | Stellingdames

Comments are closed.